Een verhaal voor het kind van 6 dat net zelf begint te lezen

Je kind komt thuis uit groep 3 en leest ineens een woord van een bord. "Kijk, daar staat maan." Iets wat er gisteren nog niet was, is er vandaag wel. En toch klinkt ’s avonds nog steeds dezelfde vraag: mag jij voorlezen?

Zes is het jaar waarin die twee dingen naast elkaar waar zijn. Je kind ontcijfert de eerste woordjes zelf, letter voor letter, en tegelijk blijft samen onder de dekens het fijnste moment van de dag. Het een sluit het ander niet uit.

Een goed verhaal voor een kind van 6 mag allebei tegelijk zijn. Jij leest het grootste deel voor, in jouw tempo, met jouw stem. En hier en daar staat er een kort, bekend woord dat je kind zelf herkent en hardop mee kan lezen. Net genoeg om trots te zijn, niet zoveel dat het werk wordt.

Het verhaal draait om je kind zelf. Het loopt tegen iets kleins aan, een ruzie op het plein, een klus die eng lijkt, en lost dat in het verhaal zelf op. Jij bent op de achtergrond, zoals in het echt: dichtbij genoeg om te helpen, ver genoeg om je kind het zelf te laten doen.

Wat een verhaal voor deze leeftijd anders maakt

  • De draad is een heldere ketting van oorzaak en gevolg: dit gebeurt, dus dat gebeurt. Op deze leeftijd houdt een kind zo’n lijn moeiteloos vast, ook als er meer personages bij komen.
  • Het hoofdpersonage lost een klein probleem zelf op, met een volwassene op de achtergrond. Niet gered worden, maar het net zelf durven.
  • Gevoelens mogen op elkaar volgen: eerst een beetje bang, dan opgelucht. Ook een prille schaamte, het gevoel dat anderen meekijken, mag er voorzichtig in.
  • Hier en daar staat een kort woord dat je kind uit groep 3 al kan lezen, zonder dat het verhaal een oefenblad wordt.
  • Het is iets langer en steviger dan een kleuterverhaal, met echt een begin, midden en eind, maar het past nog altijd binnen één voorleesmoment.

Zo ziet dat eruit

Sem is de nieuwe hut op het plein aan het bouwen, maar de grootste tak wil maar niet blijven staan. De andere kinderen kijken. Even wil Sem gewoon weglopen. Dan zet hij de tak schuin tegen de boom, precies zoals hij bedacht had, en de hut blijft staan.

Veelgestelde vragen

Mijn kind leert net lezen. Is dit een boek om zelf te lezen of om voor te lezen?
Vooral om samen te lezen, met jou als voorlezer. Een kind van 6 in groep 3 kan de eerste korte woordjes zelf, maar een heel verhaal alleen lezen is nog te veel. Daarom is het verhaal geschreven om voor te lezen, met hier en daar een bekend woord dat je kind zelf mee kan pakken.
Wat maakt een verhaal voor een kind van 6 anders dan voor een kleuter?
Het mag een stap groter. Meer personages, een echt probleem dat over een paar gebeurtenissen wordt opgelost, en gevoelens die op elkaar volgen in plaats van één gevoel per verhaal. Het hoofdpersonage lost het bovendien zelf op, iets wat bij een kleuter nog te veel gevraagd is.
Groeit het boek mee als mijn kind straks zelf leest?
Het verhaal wordt geschreven op de leeftijd die je nu opgeeft, dus voor een kind van 6 in dit overgangsjaar. Als je kind over een jaar zelfstandiger leest, past een verhaal voor 7 tot 9 jaar beter: langere zinnen, kortere hoofdstukken. Je maakt dan gewoon een nieuw avontuur, afgestemd op waar je kind dan is.

Andere leeftijden

Thema's die passen bij deze leeftijd

Maak een verhaal dat past bij de leeftijd van jouw kind

Maak een persoonlijk verhaal